Achtergrond en recensies

Bij de boekhandel.

Een paar quotes uit recensies.

´De werkelijkheid gaat altijd vermomd. Niets is wat je ziet, wat je leest is niet zo bedoeld. De lezer schrijft zijn eigen boek. Niemand leest hetzelfde boek.´ 

Het verhaal is prachtig en ontroerend. Net als in zijn eerdere boeken laat Ben een vlotte manier van schrijven zien die mij zeer bevalt. Die stijl is bondig, duidelijk; het verhaal zit vol spitsvondigheden en humor. Prachtig boek. Zijn boeken verdienen een groter leespubliek. - Leestafel (60.000 lezers)

"Bouter (1948) is een meester in het ontwikkelen van het verhaal." - De Nederlandse Bibliotheek.

Recensies

De Nederlandse Bibliotheek (Biblion)

" Een jonge vrouw, Liesje, wordt als kind door haar vader mishandeld. Ze moet het verdragen, omdat haar vader in een jappenkamp gezeten had. Haar moeder is vaak afwezig, omdat ze in het buitenland werkt als archeologe.

Van een buurvrouw leert Liesje beeldhouwen. Nu haar vader opgenomen is in een tehuis, heeft ze een levensecht beeld van hem gemaakt, waardoor ze haar woede eindelijk kan verwerken. Dat is het eerste deel van het boek, over de relatie van Liesje met haar vader.

In het tweede gedeelte reist ze naar India en ontdekt ze wie haar echte moeder was. In de Himalaya volgt ze de tocht die haar moeder maakte toen ze zwanger was.

In het derde deel wordt Liesjes dochter Eva geboren. Het verhaal wordt heel voorzichtig uit de doeken gedaan, vanuit Liesje zelf verteld. De beklemmende sfeer van haar kindertijd krijgt heel subtiel gestalte in kleine details.

Bouter (1948) is een meester in het ontwikkelen van het verhaal door heel gedoseerd de achtergrondinformatie te onthullen. Een originele kijk op het beladen onderwerp van tweede-generatie slachtoffers van jappenkampen." G.de Haan

Leestafel (60.000 bezoekers) ´Prachtig boek.´

" `Ik kijk op hem neer. Mijn vader zit op de onderste trede van de steile betonnen trap naar mijn appartement aan de Troelstrakade. Zijn glimmende schoenen zoeken steun op de stoeptegels. Grond onder de voeten, een mens heeft dat nodig. Hij houdt zijn rug recht. Altijd. Alsof een stok zijn ruggengraat onbuigzaam maakt. Hij draagt een grijze menerenhoed met in het midden een zorgvuldig aangebrachte deuk. Zijn grijze haar piekt er onverschillig onderuit. Zijn winterjas met visgratenmotief eindigt in een gifgroene sjaal. Zijn enige uitspatting. Het is mijn sjaal. Het is mijn uitspatting.´

Een jonge vrouw lijkt het erom te doen: haar vader zo lang mogelijk laten zitten, voor de deur, in de kou. Waarom is ze zo hard voor haar vader? Is er sprake van omkering van rollen?

Als je er achter komt als lezer dat niets is wat het op het eerste gezicht lijkt te zijn, ben je al zo geraakt door het verhaal dat je meer wil weten. Wie is Liesje eigenlijk?

Er zijn wel feiten bekend: in haar verleden was haar moeder niet in beeld; ze is alleen door haar vader opgevoed; er was wel een mevrouw, beeldhouwster van beroep, die zich over haar ontfermde, maar het leven was moeilijk voor Liesje. Gepest om haar anders-zijn, zonder steun op het thuisfront, moest ze haar weg zien te vinden.

In het heden is ze ook alleen, heeft de kunstacademie gevolgd en probeert de kost te verdienen door beelden te maken. Ze heeft ook de zorg voor haar verouderende vader. Ze voelt het als haar plicht om dat te doen, maar ze haat de man, en kan daar niet mee omgaan: hij is immers de man die voor haar gezorgd heeft, op een eigen manier. Paul, haar therapeut, heeft een originele aanpak, en het resultaat daarvan vormt de kern van de eerste twee delen van het verhaal, dat daarnaast ook wisselt van heden en verleden.

´De werkelijkheid gaat altijd vermomd. Niets is wat je ziet, wat je leest is niet zo bedoeld. De lezer schrijft zijn eigen boek. Niemand leest hetzelfde boek.`

Bij ieder boek dat je leest is dat waar, maar bij dit boek telt het nog meer, het boek bevreemdt, door de opzet, door het verhaal. De geschiedenis lijkt zich te herhalen.

Het valt in drie delen uiteen: `Vader`, ´Mama` en ´Eva´ heten de delen, waarmee wordt aangegeven wie het belangrijkst is in het betreffende deel. Het zijn drie personen die op hun beurt belangrijk zijn voor Liesje. Ze vormen haar tot wie ze is, ieder op een heel eigen manier. En wat is de rol van Farhad, die mooie jongen die haar lijkt op te zoeken zonder dat hij iets van haar wil?

Het is duidelijk waarom het vertelperspectief verandert bij het laatste deel, maar ook jammer, omdat een deel van het verhaal zich daardoor herhaalt. Het is de enige opmerking die ik heb, het verhaal is prachtig en ontroerend.

Net als in zijn eerdere boeken ´Pianist zonder brein´ en ´Oorlogshelden´ laat Ben een vlotte manier van schrijven zien die mij zeer bevalt. Die stijl is bondig, duidelijk; het verhaal zit vol spitsvondigheden en humor. Zijn boeken verdienen een groter leespubliek. Prachtig boek. Ook bij dit derde boek heeft de schrijver mij niet teleurgesteld." Marjo

 

Stukje uit de roman Sculptuur

Inspiratiebron

Sculptuur prominent zichtbaar van een van de vele bibliotheken.

Geen idee hoeveel straatkinderen er in India zijn. Waarschijnlijk miljoenen. Sommigen spreken van tientallen miljoenen. Een aantal groepjes zag ik tijdens een studiereis die ik samen met een vriend maakte. En dan zijn er nog de vele miljoenen kinderen uit India en andere delen van de wereld die onder barbaarse omstandigheden moeten werken. Velen hebben de tienerleeftijd nog niet eens bereikt.

Sommige westerse kinderen groeien op in een ijskoud milieu van mishandeling en seksueel misbruik.

Ik wilde geen roman schrijven die gekenmerkt wordt door leed, maar een boek van hoop. Een hart onder de riem van al die mensen die in een foute wieg kwamen te liggen. Ikzelf heb geboft. Ik kom uit een liefdevol, warm nest. Ik kreeg geborgenheid en ruimte, een heerlijke combinatie.

Liesje, de hoofdpersoon in mijn roman, ontmoet min of meer toevallig een beeldhouwster die haar niet alleen het vak leert, maar vooral hoe ze haar persoonlijkheid, haar leven, zelf vorm kan geven. Misschien hebben we allemaal wel zo iemand ontmoet, al blijkt dat soms veel later. Een inspiratiebron, iemand die je, zonder dat te weten, op weg helpt. 

Vijf van de honderdduizenden straatkinderen in India. Ik zag er velen. Zij inspireerden mij tot het schrijven van ´Sculptuur`.